Curaçao COVID-19
Arts-assistent,  Slider,  Studie(fase),  Talisha

Curaçao: de derde COVID-19 golf

Leestijd: 5 minuten

Hoi! Mijn naam is Talisha en ik ben sinds november 2020 arts-assistent in Curaçao bij de afdeling Interne Geneeskunde. In de eerste drie artikelen van mijn ‘Curaçao reeks’ (as I like to call it) vertelde ik over wat er allemaal vooraf is gegaan is aan mijn start hier op Curaçao en hoe ik het werk hier ervaar. Ik heb vooral gesproken over mijn eerste werkervaring hier en hoe dat soms nog knap lastig was. Lees de vorige artikelen hier.

Ondertussen zit het jaar waaraan ik ben begonnen in Curaçao er alweer bijna op en ben ik inmiddels veel meer ervaren in het arts-assistent zijnde. Op dit moment kan ik de afdeling, de spoed en de consulten nog aardig balanceren. Ondanks dat het jaar er bijna op zit, mag ik wel van geluk spreken dat mijn tijd hier op Curaçao nog niet eindigt. Ik ben dus blij om te zeggen dat ik hier nog een jaar extra blijf! Plot twist: nu wél bij de neurologie. 

Ik zal jullie hier ook zeker van op de hoogte houden, en ook de ervaring van het plotseling switchen van specialisme met jullie delen. Dat is echter niet het onderwerp van dit artikel. Dit artikel gaat over iets wat inmiddels bijna 2 jaar geleden is begonnen als ‘een griepje’ (destijds werden er nog grappen over gemaakt), en wat nu tot een globaal fenomeen is uitgegroeid. Dit artikel gaat over COVID-19 en mijn ervaring daarmee op Curaçao.

Volle ziekenhuizen en stijgende COVID-19 besmettingen op Curaçao

Mogelijk heb je er iets over gehoord op televisie: over Curaçao en COVID-19 en hoe de ziekenhuizen en IC’s vol lagen en we eigenlijk handen tekort kwamen. Dat was vooral allemaal op het nieuws te zien tijdens de derde zogenoemde ‘golf’ zo rond maart/april. De cijfers stegen en stegen en stegen en er leek maar geen einde aan te komen. Elke dag werd er vanuit de overheid een update gegeven over de hoeveelheid besmettingen, het aantal actieve casussen, het aantal mensen in het ziekenhuis en het aantal overledenen. 1 maart begon het met 64 actieve casussen. 31 dagen later op 31 maart waren het er 3,102. Het was een hel.

Ik kan me de dag van 31 maart nog goed herinneren. We waren al een aantal weken bezig met de uitbreiding van de COVID-19 zorg, het maken van een COVID-19 rooster voor de assistenten en het zien van (dood)zieke patiënten. Die dag kwam er weer een update uit over hoe het ging, en we schrokken gewoon van het aantal positieve gevallen: 506 mensen op één dag. Vervolgens waren er de opeenvolgende 4 dagen elke dag opnieuw 400+ mensen positief getest. En wij wisten uiteraard dat de positieve testen nu niet eens perse zieke mensen hoeven te zijn. Dat betekend dus dat degene die nu positief testen over 1-2 weken pas in het ziekenhuis terecht zouden komen. Zodoende wisten we dat er nog geen einde in zicht was, en dit was niet al te bemoedigend.

Derde golf heviger dan de eerste en tweede golf

De twee golven van tevoren waren niet zo erg geweest als deze. De eerste was vrij snel opgelost met een lockdown. De tweede viel mee: er werd 1 nieuwe COVID-19 zaal geopend en daar bleef het bij. Deze derde golf, echter… De opnames stroomden binnen. Er werd een triage tent opgezet en de chirurgie, nefrologie, neurologie en PAAZ afdelingen werden allemaal leeggeruimd voor COVID-19 patiënten (en deze zalen lagen VOL). Er werd een tweede, en zelfs een derde, IC opgericht (waar niet eens personeel voor was). Uiteindelijk werd er in uiterste nood besloten dat optiflow voortaan ook op de ‘normale afdeling’ gebruikt mocht worden. Voor degene die het niet weten: optiflow is een vorm van het geven van zuurstof (een high flow therapie), waarbij de zuurstof met een hoge flow de longen als het ware in wordt geduwd.

COVID-19 raakte gehele families… 

Met alles wat gaande was, en ondanks het overweldigende team gevoel dat je kreeg van de gehele samenwerking van iedereen (wat wel echt geweldig was), zaten we er toch allemaal een beetje doorheen. De reden? Niet eens het overwerken (al was dat zeker een belangrijk deel ervan). De reden was de persoonlijke verhalen. Er was een bepaald punt waarbij we een familie opgenomen hadden aan het begin van de week. Twee ouders en twee kinderen. Aan het eind van de week kende iedereen in de COVID-19 zorg deze familie, waarvan er nog maar 1 familielid over was. Dat soort verhalen, dat soort ervaringen, blijven bij je. Net als kinderen van een patiënt die de speciale COVID-19 beschermingspakken aan doen om de hand van hun moeder nog een keer vast te kunnen houden voordat ze zal overlijden. Het was gewoon verschrikkelijk.

De IC’s en afdelingen lagen altijd randje vol. Elke keer werd er net op tijd dan toch nog een nieuwe afdeling klaargemaakt. Uiteindelijk, toen de ernst van de situatie duidelijk werd, kwamen de maatregelen sneller en vollediger onze kant op, en konden we erop rekenen dat er over de volgende stap nagedacht was. De IC kreeg buitenbedden, en er kwam meer personeel om te helpen (ook vanuit Nederland). En langzaam maar zeker werd het steeds ietsjes beter. De kleinste extra geopende afdeling (PAAZ) kon weer dicht, er kon weer een patiënt naar huis, de besmettingen werden steeds ietsjes minder. We zagen vooruitgang en dat hielp.

Conclusie

COVID-19 is verschrikkelijk, natuurlijk. Je zult me dat zeker niet horen ontkennen. Maar er komen niet alleen maar verschrikkelijke dingen uit. Kijk maar naar het saamhorigheidsgevoel. Het teamgevoel. Van elk specialisme kwam er hulp. De urologen, de KNO-artsen, chirurgen, neurologen, dermatologen: allemaal kwamen ze als arts-assistent COVID-19 helpen. Er werden extra dag/avond/nachtdiensten ingepland en gedraaid. Mensen hielpen elkaar waar nodig was, met patiënten, maar ook met steun (fysiek of mentaal). Je hebt door dat je collega’s er voor je zijn, dat ze allemaal voor je klaar staan en jij ook voor hen. En dat gevoel als die ene patiënt, die jij hebt opgevangen in moment van nood en die er al wekenlang aan de beademing heeft gelegen, naar huis mag en zijn/haar familie weer kan zien. Dat gevoel is onbeschrijfelijk. Wat is nou fijner dan weten dat je die persoon hulp hebt kunnen bieden en weer beter hebt kunnen maken. Dat is de hele reden dat we in de zorg zijn gaan werken toch?


Meer lezen van de artikelenreeks van Talisha over haar werk op Curaçao? Bekijk dan deze artikelen:

Eén reactie

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *