Vergeet jezelf niet
Arts-assistent,  Burnout,  Ervaring,  Welzijn

Werken met depressieve gedachten: vergeet jezelf niet

Leestijd: 5 minuten

Hoi allemaal, mijn naam is Fleur. Dat is niet mijn echte naam, maar ik gebruik een fictieve naam zodat het wat persoonlijker is. Ik zeg liever niet wie ik ben, en als je verder leest, zal je vast begrijpen waarom. Het is niet dat ik me schaam, dat moet voorop staan, maar het is meer dat niet iedereen in mijn werksfeer dit verhaal kent en ik het liever niet aan de grote klok hang, zogezegd. Nou, dan beginnen we maar…

Vergeet jezelf niet. Dat is een uitdrukking waar ik 100% achter sta en die ik erg graag met jullie wil delen. Volgens mij vergeten we onszelf te snel. En met onszelf bedoel ik: wij, die in de zorg werken. Wij denken aan onze patiënten, aan de verpleegkundigen, aan families, aan collega’s. Maar aan onszelf denken schiet er nog wel eens bij in. Bij mij gebeurde dat tenminste wel, en vaak. Zeker op die ene dag dat ik mezelf juist vergat .

Toendertijd had ik ondertussen al 3 jaar werkervaring als ANIOS spoedeisende hulp en interne geneeskunde. Op het moment dat het gebeurde, was ik AIOS interne geneeskunde. Niet eens zo stressvol, dacht ik op dat moment. Echter, als je het goed bekijkt, klopt dat niet helemaal. Als AIOS werk je al snel te veel. Je neemt veel hooi op je vork om jezelf te bewijzen. Je werkt lang door en draait overuren, je wilt alles perfect doen (al helemaal als je perfectionistisch bent zoals ik) en je wilt door. Elke keer maar door. Dat gaat goed, tot een bepaald punt.

Ik schrik niet snel. Zoals ik al zei, ik heb op de spoed gewerkt en daar kom je vreemde dingen tegen. Maar dít liet me wel echt schrikken. Er kwam een patiënt op de spoed. Een vrouw. Leeftijd weet ik niet eens meer, maar ze kwam met een intoxicatie van volgens mij paracetamol. Ik moet eerlijk zijn dat de details mij een beetje zijn ontschoten. Maar in principe maakt dat niet uit voor wat ik wil vertellen. Ze had in ieder geval geprobeerd zichzelf van het leven te beroven. En toen ik om een reden vroeg, kwam ze met het volgende: “Ik wilde gewoon niets meer zien, niets meer horen, niets meer voelen en niet meer hoeven denken. Ik wil stilte.” 

Dat zou fijn zijn….

Mijn hart stond even een seconde stil bij die gedachte toen het in mijn hoofd op sprong. Ik heb het dan ook meteen weggedrukt, het consult afgerond, patiënt naar huis gestuurd en er niet meer naar omgekeken. Tot ik die avond in bed lag, en er niet meer omheen kon. 

“Dat zou fijn zijn”. Wat betekende dat nou weer? Ik kon er met mijn hoofd niet omheen. Eigenlijk heb ik het daardoor ook langere tijd blijven negeren. Maar de gedachten bleven, en werden steeds erger. Het was niet alleen meer van ‘oh, wat fijn zou stilte zijn’. Het werd ‘hoe zou je het nou het beste kunnen bereiken?’ En dat praatte ik goed door te zeggen dat het gewoon een nieuwsgierige gedachte was, maar ik was mezelf aan het voorliegen. Het was meer dan een gedachte. Het was een beginnend plan. Een plan dat ik gelukkig nooit uitgevoerd heb, maar wat voor een groot deel van mijn opleiding wel een rol speelde. 

Hetgeen wat mij heeft gered is heel toevallig geweest. Het was namelijk een collega van mij die terloops een keer vertelde dat hij een afspraak had bij zijn psycholoog, met de grappende woorden van “met ons werk moet dat ook wel, hè?”. Ik sprak hem daar later nog over (net gedaan alsof ik gewoon geïnteresseerd was) en hij vertelde dat hij al een jaar bij een psychiater en psycholoog was vanwege depressieve gedachten, waarbij het werk ook zeker meespeelde. Toen ik vroeg of het hielp, knikte hij langzaam. “De meeste dagen wel”, zei hij, “en dat is genoeg voor mij”. 

Dat heeft me toen aan het denken gezet. Want als mijn collega dat kon doen, het werk te veel vond en daardoor depressieve gedachten had, dan mocht ik die gevoelens ook hebben. Ik was helemaal niet alleen. En bovenal, het is dus helemaal niet zo raar om hulp te gaan zoeken. Het is echt vreemd nu ik terugkijk dat ik ooit heb gedacht dat het vreemd zou zijn. Ik denk dat de gedachte vooral was gebaseerd op “dokters hebben geen andere dokters nodig”. Nou, wel dus.

En daar is ook helemaal niks mis mee. Dat zou ook algemeen bekend moeten zijn en worden. Want er lopen teveel zorgmedewerkers rond met gedachten die ze niet hoeven te hebben. Bij mij is het goed afgelopen, maar er zijn er ook genoeg waarbij het niet goed afloopt en dat moet worden gestopt. Ik hoop hiermee tenminste daar een deel aan bij te dragen.

Mijn verhaal is niet zo speciaal, vind ik zelf tenminste. Toch werd ik gevraagd het te delen. Zodoende dit artikel, of deze brief, ik weet niet eens hoe ik het moet noemen. Dat maakt ook niet uit. Wat ik jullie vooral wil meegeven is: wees niet bang om hulp te vragen, van wie dan ook. Je mag dan wel zorgpersoneel zijn, maar dat betekent niet dat anderen niet voor jou mogen zorgen. Ondertussen heb ik hulp en gaat het meestal gewoon goed met me. Ik heb een man en kinderen, een baan als internist en ik ben blij met mijn leven. Nog steeds zie ik een psycholoog om de zoveel tijd, al is het maar om gewoon iemand te hebben met wie ik in vertrouwen kan praten. En ik blijf erbij: daar is niks mis mee. 

Nogmaals: met alles wat er aan de hand is om je heen, vergeet jezelf niet. 

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.